Wat meer over de verbindingen.

In een neuraal netwerk zijn het vooral de neuronen die de signaalbewerking uitvoeren. Maar de verwerkingsmogelijkheden van een enkel neuron stellen eigenlijk niet zo veel voor.Het zijn dan ook de verbindingen die de neuronen tot een waar netwerk samensmeden, en daarmee het geheel zijn kracht geven. Men noemt dat synergie (letterlijk "samenwerking"): het geheel wordt meer dan de som van de afzonderlijke delen.

Je kunt het goed vergelijken met een burokratie: niemand weet iets, en niemand kan zelfstandig beslissingen nemen; maar door het voortdurend heen en weer schuiven van formulieren en rapporten zijn ze op een of andere manier met elkaar toch in staat een land te besturen.

De taak van de verbindingen is simpel: ze moeten de signalen in meer of mindere mate doorgeven. De mate waarin een signaal wordt doorgelaten wordt aangegeven door een getal, dat het gewicht van de verbinding wordt genoemd.

Deze gewichten kunnen in de loop der tijd van grootte veranderen. Door dit vermogen kan het netwerk "leren": het gaat anders reageren op bepaalde invoerpatronen.

Maar het gedrag van het netwerk wordt niet alleen bepaald door de grootte van de gewichten. Minstens zo belangrijk is hoe die verbindingen liggen. Dit wordt de topologie van het netwerk genoemd.

Op deze manier zijn er neurale netwerken te konstrueren om allerlei verschillende funkties uit te voeren. Deze netwerken kunnen op hun beurt ook weer onderling worden verbonden tot een zeer komplex informatieverwerkend apparaat. Volgens de huidige wetenschap vormen de menselijke hersenen zo'n apparaat.

Terug naar "Hoe zit een neuraal netwerk in elkaar?"